Home // Werkvelden // Ecologisch onderzoek // Monitoring // Stadsnatuurmeetnet Leiden

Stadsnatuurmeetnet Leiden

Sinds 2004 inventariseert bureau Stadsnatuur in het kader van het zogeheten Stadsnatuurmeetnet Leiden. Op vaste locaties in de gemeente Leiden worden diverse soortgroepen in kaart gebracht. Dit gebeurt met een vaste methodiek en frequentie, namelijk eens in de twee jaar. Na vijf meetrondes zijn we in staat uitspraken te doen over ontwikkelingen in de Leidse populaties vaatplanten, dagvlinders, libellen, vissen, amfibieën, vogels en vleermuizen. Interessant voor beheer en beleid!

Ecologische potenties

De gemeente Leiden heeft aan natuur veel te bieden. Dit komt onder meer door de interessante geografie van de stad, op een kruispunt van zand-, veen- en (rivier)kleigronden. Invloeden van de duinen zijn merkbaar, zoals de algemeenheid van het Bruin zandoogje (een dagvlinder). De Leidse polders (Oostvlietpolder en Cronesteyn) zijn venig: een ideaal leefgebied voor weidevogels (Grutto en Kievit), Bittervoorn en Platte schijfhoren. Daarnaast biedt de oude binnenstad een interessant milieu, met de grachten, binnentuinen en eeuwenoude panden. Dit is het domein van de Gierzwaluw, waarvan in Leiden een forse populatie zit (Moerland & Bakker 2011).

Lobeliadal, vindplaats van Bittervoorn en Kleine modderkruiper
Turbulente stadsnatuur

Inmiddels zijn over een periode van acht jaar natuurwaarnemingen gedaan. Resultaten over deze relatief korte tijd geven hoezeer de natuur, ook in de stad, altijd in beweging is. Landelijke trends zien we terug in de gemeente Leiden. De opmars van het Bont zandoogje spreekt boekdelen diverse soorten, vooral insecten profiteren van een warmer klimaat. Ook het Landkaartje (vlinder), Vroege glazenmaker en Vuurjuffer (beide libellen) hebben hierdoor de stad weten te vinden.

Ook trends in soortgroepen zijn te bespeuren. De opmars van de Rosse vleermuis is opmerkelijk. Sinds het begin van het meetnet is deze boombewoner verworden tot een (relatief) gewone verschijning in de Leidse groengebieden als Leidsche Hout, Cronesteyn en Bos van Bosman. Dit past niet zozeer in het landelijke beeld. De Rosse vleermuis is opgenomen in de rode lijst van de Nederlandse zoogdieren, als kwetsbare soort. In Zuid-Holland lijkt de soort zich echter uit te breiden.

Een soort die in de gemeente op zijn retour lijkt te zijn is de Spreeuw. In 2004 werden in het centrum (binnen de singels) nog volop spreeuwen aangetroffen. Dit suggereert dat ook hier volop broedpotenties waren. Anno 2012 is het aantal broedpaartjes in de binnenstad gedecimeerd. Oorzaken zijn niet concreet aan te wijzen, maar moeten in de hoek gezocht worden van verdwijnende foerageerstekjes.

Toepassingen

In de vijf inventarisatiejaren (tot en met 2012) is een grote hoeveelheid bruikbare natuurdata gegenereerd. Hiermee weten we nu welke soorten allemaal voorkomen in de gemeente. Van veel van de soortgroepen in het meetnet hebben we een min of meer volledig beeld van de Leidse diversiteit. Daarbij komt dat per soort ook inzichtelijk geworden is hoe algemeen hij in de stad is. Als voorbeeld: acht soorten vleermuizen komen voor binnen de gemeente Leiden. De Gewone dwergvleermuis is er ook daadwerkelijk zeer gewoon: verblijfplaatsen zijn in ieder willekeurig pand te verwachten.

Naar aanleiding van deze meerjarige gegevens zijn diverse toepassingen mogelijk. Allereerst zijn trendanalyses mogelijk. We bepalen of soorten een significante ontwikkeling in een voorkomen hebben. Op basis daarvan kan gemeentelijk beleid worden afgestemd. Een ecologisch bermbeheer is voor een gevoelige soort als het Zwartsprietdikkopje essentieel, wil de Leidse populatie stand houden. Ook zijn gegevens afkomstig uit de inventarisaties van vissen, libellen en oever- en watervegetaties bruikbaar voor waterbeheer.

Het meetnet leent zich niet alleen voor beheer. Ook voor gemeentelijke campagnes (de Leidse Stadsvogelcampagne), toont het Stadsnatuurmeetnet zijn waarde. En, niet onbelangrijk, functioneert het bovendien als achterliggende database bij de ontheffingsaanvragen in het kader van de Wet natuurbescherming.