Home // Flora en Fauna // Vliegen

Diptera (tweevleugeligen)

Vliegen behoren, samen met de muggen, tot de tweevleugeligen. De orde heeft een groot aandeel in de Nederlandse insectenfauna. Een kwart van de insecten is mug of vlieg. Bureau Stadsnatuur heeft voor enkele families een globaal inzicht welke soorten zoal in Rotterdam voorkomen. Het gaat om de zweefvliegen (Syrphidae) en wapenvliegen (Stratiomydae). Van overige families is de kennis te beperkt om in een Rotterdams verband te brengen.

Zweefvliegen

Enkele-bandzweefvlieg (Epistrophe eligans)
Enkele-bandzweefvlieg (Epistrophe eligans)

Zweefvliegen vallen vaak op door hun gedrag, stil hangend in de lucht. Nederland is 300 soorten rijk, in Rotterdam is misschien een derde hiervan vertegenwoordigd. Echte stadse zweefvliegen zijn de Blinde bij Eristalis tenax, Snorzweefvlieg Episyrphus balteatus, Slanke driehoekzweefvlieg Melanostoma scalare, Menuetzweefvlieg Syritta pipiens en natuurlijk de Stadsreus Volucella zonaria. In een mooie groene tuin vind je zo al enkele tientallen zweefvliegen.

Zweefvliegen zijn in vele urbane milieus aan te treffen. In de terreinen met oude bomen en dood hout zit het Donker doflijfje Chrysogaster solstitialis, vaak op de bloeiende Gewone berenklauwen. Enkele-bandzweefvliegen Epistrophe eligans, Nazomergitjes Cheilosia impressa en Vliegende spelden Baccha elongata, Gewone rode bladlopers Xylota segnis zijn karakteristiek voor halfbeschaduwde omstandigheden. Het Kralingse Bos, maar ook Park Schoonoord zijn goede gebieden om deze vliegen te zoeken.

Waterrijke gebieden, de polders, maar ook natuurlijke oevers in de bebouwde kom zijn eveneens interessante locaties voor zweefvliegenonderzoek. Typische vliegjes hier zijn de Weidedoflijfjes Melanogaster hirtella, Gewone weidegitjes Cheilosia albitarsis en Tengere korsetzweefvliegen Neoascia tenur, die vaak in de bloeiende boterbloemen pollen verzamelen. Algemene vliegen hier zijn ook de Moeraszweefvlieg Tropidia scita en Gewone fluweelzweefvlieg Parhelophilus versicolor en Snuitwaterzweefvlieg Anasimyia lineata.

Zweefvliegen geven een goed inzicht in de aanwezige natuurkwaliteit. Zo werd in 2012 een Vlinderstrikje Pyrophaena rosarum waargenomen in een schrale berm aan de Daltonlaan (Rotterdam-Noord): een mooi voorbeeld van wat een ecologische inrichting van openbaar groen kan opleveren. 

Wapenvliegen

Oxycera leonina (Foto: Joram de Gans)
Oxycera leonina (Foto: Joram de Gans)

De Nederlandse naam 'wapenvliegen' voor Stratiomydae is, evenals de wetenschappelijke naam, een verwijzing naar het gewapende voorkomen van de vliegen: de doorntjes op het 'schildje'. Dat is het deel tussen borststuk en achterlijf, waarop soms een set opvallende stekels prijken. Sommige soorten vallen op door de lange antennen, andere weer door het bonte voorkomen. Binnen de families is een variatie in kleur, vorm en grootte.

In Nederland zijn 44 soorten, Rotterdam komt ongeveer halverwege. De meeste soorten zijn slechts plaatselijk in grote aantallen te vinden. De Gewone wapenvlieg Chloromyia formosa is de soort die het meest aangepast is aan de stad. Een kleine soort, Microchrysa flavicornis, is ook een tuinenbewoner. Veel soorten moeten overigens nog door het leven gaan zonder Nederlandse naam.

Dé tijd om wapenvliegen te vinden is het voorjaar en de zomer. Goede plekken in de stad zijn de wateren met natuurlijke oevers en natte braakliggende terreinen. De vliegen zijn zonnend waar te nemen, of foeragerend op bloemen. Vooral schermbloemigen worden bezocht, om pollen en nectar te eten. Op mooie schrale oevers vind je Oplodontha viridula met de limoen-kleurige vlekken op het achterlijf. Door zijn grootte is de opvallende vlieg Stratiomys singularior snel op zicht te vinden. Voor de kleinere vliegen (< 5 mm) kan een andere strategie toegepast worden. Met de sleepmethode sla je met een insectennet door de vegetatie.

Sommige soorten zijn gespecialiseerd in het leven in een brak milieu, Nemotelus notatus bijvoorbeeld. Andere zijn bij uitstek gebonden aan zoetwater. Langs de Nieuwe Waterweg is een gradiënt in deze omstandigheden waarneembaar. Dit maakt Rotterdam een interessant gebied voor wapenvliegen.

Andere families

Gewone Wolzwever (Bombylius major)
Gewone Wolzwever (Bombylius major)

Het is lastig om iets zinnigs te zeggen over de situatie in Rotterdam voor andere vliegenfamilies. In veel gevallen vereist het specialistisch, gericht onderzoek. Families die in de stadsnatuur opvallen zijn bijvoorbeeld de wolzwevers (Bombyliidae) of slakkendodende vliegen (Sciomyzidae). Gewone wolzwevers Bombylius major zijn al vroeg in het seizoen te zien, zwevend als kolibries voor de Gewone brunel en Sleedoorn, van bloempje naar bloempje. Slakkendodende vliegen zie je vaak op de oevers met een beetje natuurlijke inrichting. Voor larven is een gastheer nodig, in de vorm van (zoetwater)slakken. Je ziet ze zelden vliegen, maar eerder dribbelen over bladstengels op zoek naar huisvesting voor het nageslacht.

Voor veel families staat de Rotterdamse kennis nog in de kinderschoenen. Of het nu over slankpootvliegen (Dolichopodidae), wenkvliegjes (Sepsidae), dansvliegen (Empididae) of wortelvliegen (Psilidae) gaat. Wat extra aandacht voor deze groep is daarom zeker welkom.