Home // Flora en Fauna // Amfibieën & reptielen

Amfibieën & reptielen

Amfibieën

In Rotterdam komen zes 'soorten' amfibieën voor, namelijk de Kleine watersalamander Lissotriton vulgaris, Gewone pad Bufo bufo, Rugstreeppad Bufo calamita, Bruine kikker Rana temporaria, Bastaardkikker Pelophylax Klepton esculenta en de Meerkikker Pelophylax ridibunda

Rugstreeppad (Bufo calamita)
Rugstreeppad (Bufo calamita)

De Rugstreeppad komt alleen voor in het duingebied van Hoek van Holland, de Europoort en op de Maasvlakte. In het binnenland, feitelijk dus een groot deel van de eigenlijke stad Rotterdam, treffen we wel de overige vijf soorten. De Kleine watersalamander, Gewone pad en Bruine kikker zijn algemeen en te vinden in tal van wateren, van kleine sloten middenin woonwijken tot grotere vijvers in parken. De twee 'groene' kikkers, de bastaardkikker en de Meerkikker zijn iets zeldzamer en vooral te vinden in vegetatierijke sloten en oevers, zoals  in het Kralingse Bos, Zuiderpark en Bergse Plassen. De bastaardkikker is eigenlijk een stabiele hybride ontstaan uit kruisingen tussen Poelkikker Pelophylax lessonae en Meerkikker die zichzelf ongeslachtelijk kan voortplanten en zich gedraagt als zelfstandige soort (hoewel het dat volgens de gangbare definities van een soort eigenlijk niet is). 

De meeste soorten hebben een levenscyclus die zich zowel in het water als op het land afspeelt. Bekend is de 'paddentrek' in het vroege voorjaar, waarbij Gewone padden, maar ook Bruine kikkers en Kleine watersalamanders massaal vanuit hun winterschuilplaatsen in tuinen en bosranden naar het water trekken. Helaas vallen daarbij talloze verkeersslachtoffers. 

Onze amfibieën planten zich uitsluitend voort in het water. De eieren worden in strengen (padden), klompen (kikkers) of los in een blad gevouwen (salamanders) in het water gelegd. De bij ons voorkomende soorten kennen een volledige metamorfose. De larven hebben kieuwen en voeden zich vooral met microscopisch organisch materiaal. Wanneer ze groter zijn, na een paar weken, ontwikkelen zich poten en maken de kieuwen plaats voor longen en zoeken de dieren het land op. Hier gedragen ze zich als carnivoor en groeien langzaam door totdat ze een volwassen formaat hebben bereikt. 

Reptielen

De Zandhagedis Lacerta agilis is de enige inheemse reptielensoort binnen de grens van de gemeente Rotterdam. Deze soort beperkt zich echter tot het duingebied van Hoek van Holland. Mannetjes van de Zandhagedis kenmerken zich door hun schitterende groene kleur in het voorjaar. In de rest van het jaar hebben ze een onopvallend maar rijk en gevarieerd vlekkenpatroon waarmee ze totaal op kunnen gaan in de omgeving. 

Zandhagedissen zijn voor hun voortplanting en overleving afhankelijk van kaal los zand in combinatie met een gevarieerde kruiden- en struikenbegroeiing in de buurt. Hagedissen zijn koudbloedig en gebruiken het zand om zich snel op te warmen. Daarnaast graven ze er een holletje en worden ook de eieren in het zand afgezet, waar deze onder invloed van zonnewarmte uit kunnen komen. Belangrijk detail is dat de dieren daarbij een sterke voorkeur hebben voor hellingen. Een gevarieerde halfopen begroeiing is van essentieel belang als dekking en om voedsel te vinden.

Zandhagedis (Lacerta agilis)
Zandhagedis (Lacerta agilis)

Zandhagedissen zijn carnivoor en afhankelijk van een breed scala aan geleedpotigen. Deze vinden we in het duingebied voldoende. Door het ontbreken van een natuurlijke dynamiek staat of valt het voorkomen van de soort echter met een goed terreinbeheer. Dat wil zeggen dat mensen continu moeten voorkomen dat open zandige plekken in het duin geleidelijk dichtgroeien met struikgewas. 

Om een Zandhagedis te zien is een zonnige dag geschikt, zeker wanneer de temperatuur boven de 10 graden is, liggen de dieren zich vaak op te warmen langs de randen van zandpaden. Bij te warm weer zoeken ze de schaduw op en zijn ze moeilijk te vinden. Vaak schieten Zandhagedissen snel weg, waarbij hun staart voor wat geritsel zorgt. Wanneer men later voorzichtig terugkeert naar dezelfde plek is de kans groot dat het dier daar opnieuw de warmte opzoekt. 

Exoten

Ook in verschillende Rotterdamse parken komt men soms reptielen tegen en wel in de vorm van zoetwaterschildpadden. Het gaat hier om dieren die uit terraria zijn gedumpt in de natuur en goed in staat blijken om in ons klimaat te overleven. Tot dusverre zijn er vier taxa waargenomen in Rotterdam: Roodwangschildpad Trachemys scripta elegans, Geelwangschildpad Trachemys scripta troosti, Geelbuikschildpad Trachemys scripta scripta en Zaagrugschildpad Graptemys pseudogeographica

schildpadden in het Zuiderpark
Schildpadden in het Zuiderpark. Links een Zaagrugschildpad (Graptemys pseudogeographica), rechts Geelbuikschildpadden (Trachemys scripta scripta).